Tagarchief: bedrijfspand te huur in Leeuwarden

Levering van onroerend goed

Levering van onroerend goed
In principe wordt iedere transactie door ondernemers belast met BTW. Voor onroerend goed is echter een uitzondering gemaakt, vanwege het bedrijfsruimte te huur in Almere specifieke karakter van deze activa. Onroerend goed heeft een relatief lange, en voor grond zelfs eeuwige, levensduur. Dit heeft onder andere tot gevolg dat hetzelfde object meerdere malen van eigenaar kan wisselen, waarbij zowel particulieren als ondernemers zijn betrokken. De fiscus zou met een BTWheffing per transactie onredelijk veel BTW-inkomsten verwerven, zonder dat echt sprake is van een toegevoegde waarde. Om dit te voorkomen, zijn voor onroerend goed een aantal bijzondere regelingen getroffen voor de levering en de flexibel kantoor huren nijmegen verhuur van onroerend goed.

BASISREGEL 2: DE LEVERING VAN ONROEREND GOED IS VRIJGESTELD VAN BTW
Op deze basisregel zijn drie uitzonderingen gemaakt. De  bedrijfspand te huur in Amsterdam volgende leverin- gen van onroerende goederen zijn wel belast met BTW. 1. Levering van een bouwterrein (bouwgrond). 2. Levering van (delen van) een gebouw met bijbehorende terreinen, vóór of uiterlijk twee jaren na het tijdstip van eerste ingebruikname. 3. Met BTW belaste levering van onroerend goed op verzoek. De laatste uitzondering onderscheidt zich van de eerste twee, doordat hier sprake is van een keuze van de betrokkenen om het betreffende onroerend goed wel of niet in de BTW-heffing te betrekken. Onder gebouw wordt verstaan elk bouwwerk dat vast met de grond is verbonden en dit woord heeft daarmee een meer uitgebreide betekenis dan in het bedrijfspand te huur in Leeuwarden alledaags taalgebruik. Ook bruggen, wegen, viaducten en sportterreinen zijn volgens de Wet OB ‘gebouwen’. Hierna worden de drie uitzonderingsgevallen nader uitgewerkt.

Wel of niet investeren in het bezit

Wel of niet investeren in het bezit
Vrijwel elke actieve onderneming heeft behoefte aan kantoor huren almere haven huisvesting van haar organisatie en/of bedrijfsmiddelen. Het vervullen van deze behoefte kost geld. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in het investeren in het eigendom van de huisvesting en de kosten van het gebruik van de huisvesting.
Investeren is het vastleggen van kapitaal (eigen en/of vreemd vermogen) in een bedrijfsmiddel dat gedurende meerdere jaren gebruikt kan worden. De waarde van het goedkoop bedrijfspand huren in Nijmegen bedrijfsmiddel wordt dan als bezitting op de balans gezet (‘geactiveerd’); de wijze waarop het bedrijfsmiddel is gefinancierd, is af te leiden uit de passivazijde van de balans. De kosten van het gebruik van het bedrijfsmiddel bestaan in dit geval voor een gedeelte uit afschrijvingskosten. Dit zijn de kosten die, samen met de overige kosten van de bedrijfsvoering, in de jaarlijks op te stellen winst-en-verliesrekening worden opgenomen.
9 In deze paragraaf wordt de mogelijkheid van financial lease buiten beschouwing gelaten. Deze optie is grotendeels vergelijkbaar met die van koop en wordt in de praktijk niet of nauwelijks in overweging genomen.

VASTGOEDFINANCIERING

Huren, of operational leasen, is een manier om het gebruik van het bedrijfsmiddel te financieren. Het eigendom berust bij de verhuurder of lessor. De gebruiker hoeft dus niet te investeren in het bezit ervan gedurende meerdere jaren; zowel de activa- als de passivazijde van de balans blijft onveranderd. Zoals reeds eerder vermeld, is in dat geval voor de gebruiker sprake van ‘off-balance’ financiering.
De mate waarin een onderneming extra eigen en vreemd vermogen kan aantrekken, de kantoorruimte huren in Amsterdam zogenaamde leencapaciteit, is altijd gelimiteerd. De aandeelhouders eisen een minimaal rendement op hun geïnvesteerd vermogen, verschaffers van vreemd vermogen eisen een zekere buffer in de vorm van eigen vermogen als garantie dat rente en aflossingen zullen worden betaald, ook als de bedrijfspand te huur in Leeuwarden onderneming verlies lijdt. Dit heeft als gevolg dat financiering die is aangewend voor het bezit van huisvesting, niet meer kan worden gebruikt voor financiering van andere bedrijfsmiddelen of activiteiten. Vastgoed is een bedrijfsmiddel dat in de meeste gevallen niet direct bijdraagt aan het primaire proces. En juist met het primaire proces verdient de onderneming geld en maakt zij ‘rendement*. De wens van een zo hoog mogelijk rendement op geïnvesteerd vermogen en de altijd beperkte leencapaciteit leiden ertoe dat in het algemeen gestreefd wordt naar het zo veel mogelijk ‘off-balance‘ financieren van de huisvesting. In deze optiek heeft huren of operational leasen dus de voorkeur boven kopen

Aanbesteding

Onderscheid private en publieke opdrachtgevers
Een aanbesteding is een procedure waarbij een kantoorruimte te huur in Almere   opdrachtgever twee of meer potentiële opdrachtnemers verzoekt een aanbieding te maken voor het leveren van goederen, een werk en/of een dienst. Zodra een opdrachtgever weet welke prestaties hij wenst uit te besteden, is het voor hem van belang te weten op welke wijze de markt benaderd moet worden. Daarbij spelen vragen als: “is een één-op-één uitvraag toegestaan of is een aanbesteding in concurrentie verplicht?” Daarnaast speelt ook de feitelijke marktsituatie een rol bij het kiezen van de marktbenadering en de aanbestedingswijze. Particuliere opdrachtgevers zijn in beginsel vrij in de keuze van hun opdrachtnemers, overheden veel minder. Op overheidsopdrachten zijn al enige decennia specifieke (Europese) richtlijnen van toepassing, waaraan de opdrachtgevende overheden zich moeten houden. Doel van deze richtlijnen is het waarborgen van een internationale, vrije en transparante markt.
In de regel zijn de aanbestedingsrichtlijnen niet van toepassing op particuliere opdrachtgevers, met uitzondering van de gesubsidieerde opdrachtgevers en concessiehouders die in de volgende paragraaf besproken worden. Hoofdregel hier is het bedrijfspand huren in Nijmegen  beginsel van contractvrijheid. Dit betekent dat een particuliere opdrachtgever vrij is in zijn keuze voor de wijze waarop hij potentiële opdrachtnemers wenst te benaderen. Verder staat het hem ook vrij om met de ene opdrachtnemer te onderhandelen en na verloop van tijd dit ook met een ander te doen en deze te contracteren. De opdrachtgever is dan niet aansprakelijk voor de kosten die de onderhandelingspartner (vergeefs) heeft gemaakt.
De onderhandelingen kunnen echter “in een zodanig stadium zijn gekomen dat het afbreken zelf van die onderhandelingen onder de gegeven omstandigheden als in strijd met de goede trouw moet worden geacht, omdat partijen over en weer mochten vertrouwen dat enigerlei contract in ieder geval

COMMERCIEEL VASTGOED
uit de onderhandelingen zou resulteren”. In de precontractuele fase kunnen de volgende drie stadia onderscheiden worden: 1. Een aanvangsfase waarin men zich nog zonder meer mag terugtrekken.  Een middenfase waarin men zich niet meer mag terugtrekken zonder de kosten die de ander gemaakt heeft (negatief belang) voor zijn rekening te nemen. 3. Een eindfase waarin men zich in het geheel niet meer mag terugtrekken. Als dat toch gebeurt, zal ook de gederfde winst vergoed moeten worden. Deze eindfase is bereikt indien de benadeelde partij erop mocht vertrouwen dat in ieder geval enigerlei contract uit de kantoorruimte huren in Amsterdam   onderhandelingen zou resulteren. 6.3.3 Aanbestedingsrichtlijnen overheidsopdrachtgevers Werkingssfeer van de aanbestedingsrichtlijnen De aanbestedingsregels voor overheidsopdrachtgevers worden in belangrijke mate bepaald door de Europese Unie. Het gaat daarbij om de volgende vier Europese richtlijnen3.
In Nederland worden de Europese richtlijnen omgezet in nationaal recht door Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB’s), die op basis van de Raamwet EG-voorschriften Aanbestedingen zijn uitgevaardigd. Inhoud van de aanbestedingsrichtlijnen De hoofdregel is dat wanneer aanbestedende diensten overheidsopdrachten plaatsen voor werken, leveringen en dienstverlening, dit conform de procedure in deze richtlijnen dient te gebeuren wanneer de geschatte waarde ervan ten minste gelijk is aan de drempelbedragen die daarin gesteld zijn.
Uit deze hoofdregel zijn de volgende drie elementen te halen:
1. De opdracht moet geplaatst worden door een aanbestedende dienst. Daaronder wordt verstaan: de Staat (bijvoorbeeld ministeries en rijksdiensten), de territoriale lichamen van de Staat (lagere overheden zoals provincies en gemeenten), publiekrechtelijke instellingen en verenigingen hiervan.
3 De eerste drie richtlijnen zijn gewijzigd door Richtlijn 97/52/EG van 13 oktober 1997. De laatste richtlijn is gewijzigd door Richtlijn 98/4/EG van 16 februari 1998.
1. Richtlijn Werken: 2. Richtlijn Leveringen: 3. Richtlijn Diensten: 4. Richtlijn Nutssectoren:

BOUW- EN AANBESTEDINGSRECHT

Een aanbestedende dienst in de vorm van een publiekrechtelijke instelling is gedefinieerd als een entiteit met rechtspersoonlijkheid4, die is opgericht met het doel te voorzien in behoeften van algemeen belang andere dan van industriële of commerciële aard, en die onder beslissende invloed van een andere aanbestedende dienst staat. Voorbeelden hiervan zijn waterschappen en academische ziekenhuizen. In de bijlagen van de richtlijnen is voor elk land een lijst van instellingen opgenomen, die voldoen aan het criterium aanbestedende dienst. Deze lijst is overigens niet limitatief, bij twijfel moeten de criteria voor een aanbestedende dienst worden doorlopen. Naast de als zodanig gedefinieerde aanbestedende diensten zijn ook de volgende categorieën verplicht de Europese aanbestedingsrichtlijnen na te leven:
• Subsidieontvangers (> 50% subsidie door een aanbestedende dienst). • Concessiehouders (Richtlijn Werken: degene die voor een aanbestedende dienst het werk zal uitvoeren, waarbij de tegenprestatie bestaat uit het   bedrijfspand te huur in Leeuwarden 

kantoor ruimte huren in Almere

recht het werk te exploiteren; Richtlijn Diensten: degene aan wie een aanbestedende dienst een exclusief recht tot dienstverlening heeft verleend). 2. De richtlijnen bestrijken alleen overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten. Onder overheidsopdrachten wordt verstaan: schriftelijke overeenkomsten onder bezwarende titel (i.e. er moet enige vorm van betaling plaatsvinden) tussen een aanbestedende dienst enerzijds en een aannemer, leverancier of dienstverlener anderzijds.
3. De richtlijnen gelden niet voor alle overheidsopdrachten, maar alleen voor overheidsopdrachten boven een bepaald drempelbedrag. De omrekening van de drempelbedragen in de nationale valuta van de lidstaten wordt om de twee jaar vastgesteld